Categorie archief: Van

Anti-clockwise around Australia in 100 days

YES! We did it! De toer van Australië. In ‘t begin een verre droom, een tijdje later: realiteit.

Toen we vertrokken waren bij Ann en Jason hielden we nog even halt in de supermarkt. Bij het sluiten van het raampje had Leen plots de klink in haar hand. Ai, da’s minder. Een uur later, na ‘t bezoeken van 3 shops waren we uiteindelijk bij de recker beland, op zoek naar een klein klemmetje waarmee we de draaier konden herstellen (na eerst de deurpanelen te verwijderen en alles op zijn plaats te schroeven). Daarna zetten we koers naar ‘t Noorden, door Melbourne, de grote baan op. Drie dagen passeerden zonder noemenswaardige zaken. We reden wat, lazen wat, bezochten een dorpje, kortom: freewheelend.

Uiteindelijk kwamen we aan in Canberra, de officiële hoofdstad van Australië. Op het eerste zicht leek deze stad te slapen. Er zijn brede boulevards, vele parken, ruimte zat, maar de mensen ontbreken er. Geen drukte op de weg. We parkeerden de blauwe bus even buiten ‘t stad en wandelden tot aan ‘t eerste museum: de National Portrait Gallery, waar we heel wat bekende Australiërs zagen, de een al bekender dan de andere. Een eerbetoon aan Australische wetenschappers, kunstenaars, zakenlui, sporters en politiekers. Ook was een zaal gewijd aan de “Australian of the year”, een event dat dit jaar zijn 50 jarige jubileum viert. Hierna was de National Gallery of Australia aan de beurt, waar we iets meer van verwacht hadden (gezien we enkele dagen ervoor in Melbourne waren, waar je je goeie dosis cultuur kunt krijgen). ‘s Avonds wandelden we nog richting Capital Hill, de heuvel waar ‘t parlement gevestigd is: de senaat en de kamer werden gebouwd in de heuvel. Je kan als passant op de heuvel lopen, aldus staat de politiek onder, ten dienste van de mensen. We wandelden de heuvel op, maar ‘t was iets te heet om het lang uit te houden. Voor de nacht zetten we ons kamp op in een rest area 20 km ten Noorden van Canberra. De volgende ochtend stonden we al vroeg op om een bezoek aan ‘t parlement te doen. Een vriendelijke gids wist ons te vertellen dat er zelfs Belgische stenen (limestones) gebruikt werden bij de bouw van de inkomhal. Even later stonden we boven op de heuvel (sinds 9/11 kan je dus niet meer vrijelijk tot helemaal bovenaan lopen, het beeld dat het parlement onder de mensen staat gaat dus niet helemaal meer op).

Na ‘t bezoek aan ‘t parlement stond de National Museum of Australia op ‘t programma. Een heel leuk museum om een idee te krijgen van de geschiedenis van Australië. We zagen reeds een groot stuk (althans, de toegankelijke delen) van Australië en ‘t is leuk om via ‘t museum enkele dingen terug in gedachten te brengen: de remoteness, de cattle stations, de vele immigranten, de flora en fauna, de aborigals, etc. Na dit goeie museum gingen we nog een kijkje nemen in de War Memorial. Een eerbetoon aan Australische militairen die dienden in de vele oorlogen. Enkele foto’s van Menen en Ieper voor de eerste wereldoorlog, de choppers in Vietnam, de geboden hulp in Somalië via de UN. Volgens vele Australiërs is dit de highlight van Canberra, voor ons was het interessant, maar niet the-best-of. ‘s Avonds zakten we af naar Federation Mall, waar er, op de avond voor Australia Day (die op 26 januari valt), verkiezing is van Australian of the year en enkele concerten gegeven worden. We zagen er de prime minister, Kevin Rudd, de prijs overhandigen aan een Australische dokter die zich inzet voor kinderen met psychologische problemen (wiki leert ons dat het Patrick McGorry betreft). Het feest, waarvoor iedereen de vlag rond zijn nek snoert, een shirt in de juiste keuren aantrekt en Ozzie, ozzie ozzie roept, lieten we op ons afkomen. De artiesten waren ons niet bekend (natuurlijk puur Australisch talent, wat had je gedacht?). ‘s Avonds sliepen we op de een parking van een bedrijvencomplex.

De dag erop waren we al vroeg uit de veren om aan te schuiven voor ‘t gratis ontbijt (except for the obligatory gold coin donation for charity ;) ). Een worstje in de hand, slappe koffie en een stuk fruit, terwijl op de achtergrond een koor Australische liederen zingt, meer heeft een mens niet nodig: feest in ‘t park!

‘s Avonds kwamen we aan in de Blue Mountains, een druk bezochte plek, want heel dicht bij Sydney. De bussen rijden er af en aan met toeristen. Maar ‘t zicht is er wel heel mooi, ‘t moet ook gezegd worden. We hadden er een mooie avond, waarna we ‘s avonds de van langs de kant van de weg parkeerden en op stok kropen. Toen we opstonden was het mistgordijn voor de scenery geschoven. We wachten niet en zetten koers naar Sydney.

En daar waren we dan. Sydney. 100 dagen later, terug waar we begonnen waren. Op donderdagochtend gaven we de blauwe bus een flinke poetsbeurt, trokken de kiekjes. Op donderdagnamiddag gingen de kiekjes online. Op vrijdag hadden we de eerste afspraak voor de dag erop vastgelegd. Op zaterdagochtend de van tentoongesteld, een voorschot gekregen en maandag de transactie afgehandeld. David en Aymeric, twee gasten uit Lyon, zijn de nieuwe eigenaars. 5 dagen, met een weekend ertussen (de banken werken zelfs hier niet in ‘t weekend) en boem: cash for cars! Zelfs nog 100 dollar winst gemaakt! Nog snel een foto van de nieuwe eigenaars en de cirkel was rond!

Ondertussen zijn we in een rustigere, Europees aanvoelende buurt van Sydney aangekomen: Stanmore. Een kamer met alles erop en eraan, van hieruit kunnen we kleren wassen, batterijen opladen en de rest van de reis te plannen!

Ciao,
CorLeen.

Aussie 2010.02.01