Categorie archief: Tropical Fruit

Frosty Mango takes a 300m+ shower between the prehistoric crocs

Dag Belgische bloglezer,

Hier zijn we dan weer. Het kan niet altijd rozengeur en maneschijn zijn. Inderdaad, we kenden een kleine tegenslag. Toen we ’s ochtends de auto wilden starten in Bagara kwam er niks uit. Een beetje geronk, maar niks dat gezond klonk. Gelukkig zijn we lid van de NRMA, zo een beetje de Touring wegenhulp van bij ons. Als bij wonder werden we na een telefoontje binnen het kwartier geholpen door een ietswat knorrige, doch behulpzame man die onze auto aan de praat kreeg zodat we naar de mechanic konden rijden. Het bleek dat de brushes van onze alternator kapot waren. Met een 125 dollar te betalen (zo’n 75 euro) werden die vervangen en konden we opnieuw de weg op. Dit heeft ons een voormiddag gekost, maar we zijn opgelucht dat het niet erger (en duurder) was.

Tot daar het minder goede nieuws. Na Rainbow beach trokken we verder richting Rockhampton, waar we een crocodile farm bezochten. Heel indrukwekkend. Ze kweken er de dieren om er sjakossen en riemen van te maken, en het vlees wordt ook verkocht maar dat is niet de hoofdzaak. Niet misverstaan, de krokodillen in het wild worden hier met rust gelaten, die zijn immers beschermd. Leen droomt nog steeds (twee weken na datum) van het bezoek aan die killers. En het is wel degelijk beangstigend omdat we ons hier in croccountry bevinden. Voorzichtigheid is hier troef! Een krokodil kan zonder maar een beweging op het water te veroorzaken plots uit het wat tevoorschijn komen en je vastgrijpen. Gelukkig staan er waarschuwingstekens bij bepaalde waterplassen.

Rockhampton kwam de laatste weken in het nieuws omwille van de vele bushfires. We waren getuige van kapot gebrande bossen als gevolg hiervan. Het vuur is gelukkig overal geblust, maar smeult vaak nog een beetje na en zorgt voor reukhinder. Van een man kregen we te horen dat het al bij al nog meeviel: slechts een huis werd door de vlammen gegrepen.

Het werd tijd dat we opnieuw een nationaal park in wandelden. Eungella National park was echt de moeite. Het is een echt regenwoud vol varens, groen, hitte, gorges, vogels , watervallen en nu en dan een regenbui. We konden er de Platypus – die zou moeilijk te spotten valt – toch in levende lijve aanschouen. (zie foto’s, alhoewel misschien niet zo heel duidelijk… we zagen er wel)

We zetten de reis verder en trokken richting Dingo beach. Ondertussen zijn we aangekomen aan het Great Barrier Reef. Omdat we het een nogal toeristische (en dure) zaak vinden om vanuit Airlie Beach de boot te nemen (zoals alle toeristen blijken te doen) en we eerder al Moreton Island zagen, besloten we om de Whitsundays links (in ons geval rechts) te laten liggen. Dingo Beach, een prachtig strand, waar de zee echt een meter van het land begint. Super. We hadden geen zin om een boete te krijgen voor wildkamperen, dus besloten we om gewoon ergens te vragen aan bewoners van het kustplaatsje of we onze ‘van’ voor hun deur mochten zetten voor de nacht. Zo kwamen we terecht bij een aantal gepensioneerde Australiërs die erg gastvrij waren. De gezusters Pearl en Coral (toepasselijke namen voor bewoners van het Great barrier reef) en hun mannen schotelden ons een glaasje zelfgemaakte rum (‘All you find in the stores, you can make it yourself!”) voor en we hadden een gezellige avond met hen. De gastheer gaf ons zelf een stopcontact zodat we alles weer een beetje konden opladen (pc, gsm, batterij fototoestel). Geweldig.
Iets meer naar het Noorden hielden we halt in Bowen. Deze stad is gekend voor de echte Kensington mango, super lekker, waar ze ook heerlijke sorbet van maken. Honderd procent mango. We zijn trouwens zot van mango’s ondertussen. Voor de liefhebbers van de film ‘Australia’ is het misschien leuk om weten dat een deel van de stad Bowen gebruikt werd als decor.

’s Nachts werden we door de ranger gewekt. Het is verboden om er langs het strand te slapen. Gelukkig kon de brave man ons de goede richting uitwijzen. 30km later konden we de rest van de nacht slapen op een rest area.

De dag erop kwamen we aan in Townsville, de tweede stad van Queensland. Daar hebben we heerlijk gezwommen in de rock pool (we zwemmen vanaf hier in zwembaden omdat er in de zee meer kans is op beten van allerlei dieren (o.a. stingers)). Ook beklommen we Castle Hill, een rots die temidden uit de stad lijkt te rijzen en waar je prachtige vieuwpoints hebt!
Gisteren en vandaag zijn we nog wat Noordelijker getrokken en deden we twee nationale parken aan, waarvan een met de hoogste one-drop waterval van Australie (+300m): Wallaman Falls. We maakten er vanochtend een wandeling heen (na ons ontbijt om 5u30).

See ya,
CorLeen.

Aussie 2009.11.04