Ziezo,
terug uit Nieuw-Zeeland. Nog een paar uur en we verlaten de vaste , Australische grond… Gisteren gedaan wat we elkaar in ‘t begin van de reis beloofd hadden: gaan uiteten aan Circular Quay: de Harbour Bridge, the Opera House en een groot cruiseschip om op te kijken: ‘t kan slechter van locatie. Plus een zalige warmte die aanblijft naarmate dat het later komt. Eens geen noedels maar de vis van de dag. Een mooie avond om een geslaagde reis af te sluiten.
Maar eerst Nieuw-Zeeland. We waren tien dagen op bezoek bij de kiwi’s. Omwille van het korte tijdsbestek hebben we ons beperkt tot het Zuid eiland. En zelfs dat was een beetje teveel. We reden een dikke tweeduizend kilometer op die tien dagen en hadden het gevoel iets te snel te gaan. Toch denken we een goeie indruk te hebben: ‘t is er vooral veel groener dan Australië en het voelde voor ons dus Europeser aan.
In Christchurch, de grootste stad van ‘t zuideiland, pikten we ‘banana’ op, installeerden we ons in een cabin in een caravanpark en besloten om de dag erop eerst naar ‘t Noorden te rijden. Omwille van ‘t weer konden we soms niet veel zien van de beloofde uitzichten. De Marlborough Sounds waren wel heel spectaculair, de natuur heeft er vrij spel. Ondanks de regen gingen we wandelen in het Abel Tasman NP. De nacht ervoor sliepen we zelfs in een caravan! Een belevenis op zich. Het leven zoals het is.
In Westport mochten we de eerste keer de tent opzetten die we gebruikten van Tom, via via leren kennen in Sydney. Gelukkig regende het niet en hadden we al bij al een goeie nachtrust. De tent was ook nogal klein uitgevallen: 1m82 in de lengte, dus languit slapen zat er niet in
. We liepen op de langste hangbrug van Nieuw-Zeeland. ‘s Avonds sliepen we in Fox Glacier, een dorp met toegang tot één van de gletsjers van ‘t eiland. We deden er een korte wandeling, genoten van een gesprekje met een Engelsman die zijn beste woordjes Hollands gebruikte en sliepen in de beste cabin van de reis.
De route richting Wanaka was waarschijnlijk een van de mooiste die we tot nu toe deden: de zon, het meer, de bergen, een zalige weg in een goede (snelle) wagen. In Wanaka wandelden we Mount Iron op, werden beloond met een mooi uitzicht alvorens we de afdaling begonnen. Nog even zonnen aan ‘t meer en terug de weg op richting Queenstown, dé toeristenstad van ‘t Zuideiland. Omgeven door bergen en meren, de ene touroperator achter de andere. We besloten om niet in te gaan op dit aanbod, maar eens een kijkje te gaan nemen naar het oudste Bungy-jump-aan-de-lopende-band bedrijf ter wereld. De ene kickzoeker achter de andere springt er de brug naar beneden, raakt al dan niet het water (dit wordt op voorhand bepaald: alles verloopt er heel vlot en professioneel: gewichtscheck, keuze om het water al dan niet te raken, dvd en fotomogelijkheid). Wij durfden echter de kick niet aan en deden het al in ons broek door gewoon te kijken naar de angst in de ogen van de springers…
De dag erop wilden we eigenlijk de fjorden zien, maar door een combinatie van weer, tijdsgebrek, gesprek met een local en geen looproad lieten we de fjorden voor wat het is (we gaan dat wel eens bekijken in Noorwegen
) en zetten koers naar Dunedin, de tweede stad van ‘t Zuideiland. We sliepen er op een camping in het Otago peninsula, waar we uitgeregend wakker werden. Om de regenachtige dag geen kans te geven op ‘t gemoed te werken, besloten we Dunedin indoor te bezien. Twee musea en de mall stonden op ‘t programma. In het Otago museum leerden we wat over de Maori, de inwoners van Nieuw-Zeeland voor Captain Cook en de zijnen er voet aan wal zetten. Hun cultuur is terug te vinden over alle eilanden van de Pacific Ocean, een opmerkelijk feit, want verspreid over duizenden kilometers. Ook de link met the UK wordt er heel duidelijk: de duizenden schapen die vervoerd worden naar ‘t moederland, de eerste diepvriesschepen, de teloorgang van de export naar GB omwille van diens intrede tot de EU, etc.
De Dunedin Public Art Gallery kon ons echter nog meer bekoren: goeie foto’s met nog betere teksten (de foto’s waren niet te verstaan zonder tekst), een kunstwerk dat popcorn imiteert, etc. Spijtig genoeg onthielden we weinig namen van kunstenaars. Maar op de site van ‘t museum raak je zeker wijzer!
Na Dunedin trokken we naar ‘t Noorden, we zagen enkele albatrossen en sliepen die avond in een cabin omdat de tent nog moest drogen omdat ze nat in de zak gestoken werd die ochtend.
En dan kwamen we toe op ‘t einde van de reis. We checkten nog even Christchurch, aten een laatste keer bbq en doken vroeg ‘t bed in om ‘s nachts (5u) de vlucht niet te missen.
Na luggage drop-off in de hostel trokken we ‘t stad, gingen we nog wat zonnen in Manly en namen de ferry terug naar ‘t stad. Gisteren gingen we naar de Northern Beaches, zwommen in één van de zovele rockpools, bezochten nog een plaatselijk marktje. Tegen dan was ‘t tijd om ons te verfrissen, een vers shirt/kleedje aan te trekken en de avond te genieten op een prachtig terras.
Zo, that’s it, wij hebben er enorm van genoten en hopelijk konden we iets van de warmte doorstralen via deze blog.
Tot in België!
![]() |
| Aussie NZ 2010.02.22 |
